Open deur

Laatst vertelde iemand mij dat een boom onder de grond even groot is als boven de grond en dat beide kanten om de beurt groeien. Het ene moment versterken de wortels zich en banen zich een pad door de donkere aarde. Het volgende moment groeit de boom naar boven, zichtbaar voor alles en iedereen in het volle licht. Ik vind het een mooi beeld. Het spiegelt hoe het bij ons werkt en geeft me het geruststellende gevoel dat het klopt wat er gebeurt.

Nu ik een aantal jaar als coach werkzaam ben kan ik zeggen dat de belangrijkste kennis die ik op mijn cliënten over kan brengen een open deur is. Het leven gaat met ups en downs. Net als bij een boom groeien wij twee kanten op. Steeds dieper de donkerte in om daarna nog mooier en rijker in het licht verder te kunnen groeien.

Ups en downs horen erbij. Dat spreekt voor zich. Toch zou ik je willen uitnodigen om eens stil te staan wat dat nu echt betekent en wat dat van jou vraagt. Hoe ziet dat er eigenlijk uit in de praktijk?

Een leven met ups en downs leven betekent heel concreet dat je bereid bent om alles wat zich aandient te ontvangen. Het betekent dat verdriet net zo welkom is als vreugde, pijn er net zo goed mag zijn als geluk en paniek op een zelfde manier wordt ontvangen als blijdschap. Er is geen verzet tegen welke emotie dan ook omdat je je diepgaand realiseert dat alle emoties zich aandienen met het doel om jou te doen groeien.

Het betekent niet dat je je minder laat raken. Oh nee! Verdriet, angst, paniek…ze blijven even scherp en pijnlijk. Maar zoals het groeien van de wortels van een boom een rijkere groei boven de grond mogelijk maken, zo zorgt het ruimte maken voor emoties die we liever niet voelen ook voor het intenser kunnen ervaren van geluk, vreugde en blijdschap.

Het leven gaat met ups en downs. Het is een open deur. De vraag is of jij bereid bent om over de drempel te stappen.

“Het zal wel aan mij liggen”

Tijdens het afscheid gisteren bedankte een cliënt mij in tranen. “Ik ben zo blij dat ik bij jou heb kunnen leren dat ik niet aan mezelf hoef te twijfelen. Dat ik niet gek ben en dat ik op mijzelf kan vertrouwen”.

Het raakte me. Ik kan me nog levendig herinneren hoe het voelde om te denken dat ik het niet snapte. Als ik om me heen keek zag ik van alles gebeuren waarvan ik dacht: “Dat klopt toch niet?”. Ik voelde me erg alleen omdat ik schijnbaar de… enige was die er van opkeek. Om toch nog enige houvast te kunnen ervaren loste ik het op met de gedachte: “Het zal wel aan mij liggen. Ik snap kennelijk niet hoe het zit”.

Die oplossing bleek erg destructief. Het maakte dat ik me verloren voelde in een onveilige wereld. Waar kan ik me aan vasthouden als zelfs mijn eigen gevoelens en gedachten onbetrouwbaar zijn?

Als ik tegenwoordig om me heen kijk denk ik nog steeds vaak: “Dat klopt toch niet?”. Misschien nog wel vaker dan voorheen. Het grappige is dat het nu juist díe gedachte is die me houvast geeft. Ik weet ondertussen dat wat ik voel helemaal klopt voor mij. Ik heb ontdekt dat het ‘niet pluis’ gevoel me helpt om op de juiste weg te blijven en ik ben dankbaar dat dit zo helder tot mij spreekt.

Heel af en toe probeert de gedachte: “Ik zal wel gek zijn” mij nog wel eens te verleiden. Ik ervaar dan de schijnbare veiligheid die naar me lonkt, maar gelukkig ook direct weer de ontwrichtende werking van die gedachte.

Tot iedereen die zich hierin herkent wil ik graag zeggen: twijfel niet aan jezelf. Het ligt echt niet aan jou. Je bent niet gek. Je voelt heel goed aan hoe het zit, maar hebt nog niet ontdekt wat het precies betekent of hoe je ermee om kunt gaan. Ga dat uitzoeken, ga daarmee aan de slag, maar zoek je veiligheid alsjeblieft niet in het ter discussie stellen van jouw gevoel. Want dat klopt helemaal.

Niets kan ik (nog) niet verdragen

Van alle emoties die er te voelen zijn heb ik de grootste moeite met leegte. ‘Het niets’, ‘de grote stilte’, ‘de leegheid’, het staarde me de afgelopen dagen dreigend aan. Liever heb ik grote paniek, enorm verdriet of dreigende angst. Tegenover overweldigende emoties staat een overweldigend vertrouwen in mij. Ik kan ze beiden gelijktijdig zonder problemen ervaren. Hoe anders is dat met leegte!

Terugkijkend zie ik nu dat het mij niet gelukt is om te kunnen zijn met ‘het niets’ dat zich aandiende. Nog voordat ik me er bewust van was ben ik het gaan vullen met verhalen die overweldigende emoties veroorzaakten. Beter hanteerbaar en een perfecte afleiding van ‘de grote leegte’.

Niet dat de verhalen niet klopten, hoor. Ze raakten echt wel een kern en er zit zeker iets in waar ik verder naar mag gaan kijken. Maar ze haakten niet echt ergens op aan. Ik voelde de emotie wel, maar net iets te oppervlakkig. Het raakte me wel, maar niet diep genoeg. Het waren niet de verhalen die om aandacht vroegen, zo bleek achteraf.

Wat ben ik blij dat ik dat kon ervaren! Voordat je het weet ben je zomaar weer in zo’n verhaal verdwaald en bepaalt dat ineens de richting van je leven. Nu ben ik in één klap uit het hele gedoe gestapt en kan ik weer verder.

Natuurlijk realiseer ik me dat ook deze realisatie een mooie uitvlucht is en dat ‘het grote niets’ nog steeds ergens op mij ligt te wachten. Maar vooruit. Deze neem ik even. In de wetenschap dat ik de volgende leegte die zich aandient dapperder en met een groter bewustzijn onder ogen zal durven komen.

De waarde van een crisis bepaal je zelf

“Ontvang kritiek als een cadeau en bedank de gever ervan.” Het is 1998 en ik bevind me in één van de vele cursussen, leergangen of workshops die ik als manager doorlopen heb. “Kritiek als cadeau…” hoor ik mijzelf sceptisch denken “dank je hoor, fijn cadeau”. Ik kan er niets mee op dat moment, maar merk in de jaren die volgen wel dat de zin blijft hangen. De belofte die er in zit oefent een soort magische aantrekkingskracht op me uit. Ik weet dat ik er iets mee moet, wil ik niet elke keer opnieuw weer helemaal omver geblazen worden als ik kritiek krijg.

In eerste instantie lukt het me om dankbaarheid te spelen. “Wat fijn dat je dit met me deelt” zeg ik, terwijl ik me ternauwernood staande houdt. Al snel merk ik dat ik met het uiten van mijn dankbaarheid een mooie verdediging in handen heb. Door net te doen alsof ik kritiek ontvang als cadeau haal ik als het ware de ander alle wapens uit handen en voel ik me sterk. Ik ben er dan nog lang niet, maar wel op weg!

In de loop der jaren realiseer ik me steeds verder dat ik het zelf ben die bij het ontvangen van kritiek bepaalt of het een wapen is of een cadeau. De gever heeft daarop nauwelijks tot geen invloed. Wanneer het me lukt om de inhoud van de boodschap tot me door te laten dringen, te voelen wat het met me doet en vervolgens te bepalen welke les ik er uit te leren heb, maak ik het zelf tot het waardevolste cadeau dat ik maar kan ontvangen: brandstof tot groei!

Datzelfde principe gaat op voor een crisis. Net als bij kritiek bepaal je de waarde van een crisis zelf. Zie je het als een afgang of iets wat je eigenlijk niet verdient, dan wordt het een wapen waartegen je je maar beter kunt verdedigen. Durf je het daarentegen te ontvangen en te onderzoeken, dan verandert het vrijwel direct in een cadeau waar je nog lang plezier van zult hebben.

Je eigen beerput openen is eng, maar hem dichtlaten is enger

beerput

Je eigen beerput openen is eng, maar hem dichtlaten is enger.

Onder het tapijt vegen, wegdrinken, afleiden, omdenken…we hebben er veel voor over om maar geen contact te hoeven maken met onze pijnlijke emoties. De angst voor wat er gebeurt als ‘de beerput’ geopend wordt is groot en de meeste mensen gaan dat dan ook liever uit de weg. Verbazingwekkend als je je realiseert dat het juist het dichtlaten van de beerput is die zoveel lijden veroorzaakt.

Bij het vullen van een beerput in letterlijke zin kan je je waarschijnlijk wel een voorstelling maken. Je moet er niet aan denken wat de consequenties zijn als die niet schoongemaakt wordt. De stank is niet te harden en er ontstaat al snel een bron van ziektes. Een beerput in overdrachtelijke zin wordt gevuld wanneer je pijn vermijdt. Als iemand bijvoorbeeld iets kwetsends tegen je zegt en jij aan jezelf gaat twijfelen, boos wordt op de ander of gaat analyseren hoe het zo ver heeft kunnen komen in plaats van te voelen wat de opmerking met je doet. Door voorbij te gaan aan je eigen zuivere emotie kan de beerput zich vullen.

De emoties die opgeslagen liggen in zo’n beerput kunnen op de meest onverwachte momenten geactiveerd worden. Doet iemand iets in het hier en nu wat jou doet denken aan iets naars uit het verleden dat jij hebt weggestopt, dan haken die twee gebeurtenissen als het ware aan elkaar en verdubbelt het pijnlijke effect ervan. Dat verklaart waarom mensen (waaronder wijzelf!) soms voor ons gevoel totaal buitenproportioneel reageren.

Om te voorkomen dat de inhoud van een beerput zich ontwikkelt tot een broeinest van ellende, moet deze regelmatig opgeschoond worden. Voor het zuiver houden van een letterlijke beerput hebben wij tegenwoordig gelukkig de WC. Die schoonhouden doe je niet voor je plezier, maar als je dat met enige regelmaat doet valt de investering reuze mee. Datzelfde geldt voor de figuurlijke beerput.

Natuurlijk is de inhoud van jouw beerput in eerste instantie overweldigend. Je hebt het niet voor niets weggestopt. In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt is het echter niet de inhoud die ondragelijk is, maar de druk die veroorzaakt wordt door een overvolle beerput. Eenmaal geconfronteerd met de inhoud ervan blijkt deze voor de meeste mensen verbazingwekkend gemakkelijk te dragen.

Wil jij jouw beerput opschonen, maar heb je geen idee waar je moet beginnen? Ik schreef een handleiding die je op weg helpt.

“Ach, ik hoef nog maar 25 jaar tot aan mijn pensioen”

Linkedin

In mijn werk als leidinggevende ben ik ze veel tegen gekomen: bange mensen. Mensen waarbij je aan alles ziet dat ze het totaal niet naar hun zin hebben, ver onder hun kunnen aan het werk zijn of veel te stressvol werk voor hun rekening nemen. Wat was het een uitdaging om hen in beweging te krijgen en ik moet eerlijk toegeven: het is me niet vaak gelukt.

Illusie van zekerheid als houvast
Het meest extreme voorbeeld was wel een medewerker die ik ontmoette toen ik een team leidde dat ik voorbereidde op een grootschalige reorganisatie. Zijn baan zou gaan verdwijnen, zoveel was zeker. Heel rot natuurlijk, maar de werkgever was coulant en gaf hem alle ruimte om zich er op voor te bereiden. Hij mocht een opleiding volgen, stage gaan lopen of deelnemen aan een outplacement traject. Toen ik hem vroeg waar zijn voorkeur naar uit ging was zijn legendarische antwoord: “Ach, het zal mijn tijd wel uitduren. Ik hoef nog maar 25 jaar tot aan mijn pensioen”.

Hoofd tegen hoofd
Op dat moment was ik totaal verbijsterd door zijn antwoord. Hoe is het mogelijk dat iemand vasthoudt aan een ‘zekerheid’ waarvan je met zekerheid kunt zeggen dat die niet bestaat? Ik probeerde hem uit te leggen dat hij er echt goed aan zou doen om zijn kansen te pakken. Ik vertelde hem dat als hij nu geen actie zou ondernemen hij straks te laat zou zijn en ik probeerde hem met alle macht te verleiden om in beweging te komen. Helaas…niets hielp.

Echte beweging komt vanuit het hart
Wat er uiteindelijk van deze medewerker terecht is gekomen weet ik niet. Ik verliet het schip voortijdig omdat ik niet opgewassen bleek tegen zoveel weerstand. Wat ik wel weet is waar het mis ging. Ik probeerde hem te motiveren om goed voor zichzelf te zorgen door hem aan te spreken op dezelfde bron waarmee hij zijn zekerheid in stand hield: zijn hoofd. Ik heb ondertussen geleerd dat de motivatie om in beweging te komen niet ontstaat vanuit angst, maar vanuit vertrouwen. En dat vertrouwen niet ontstaat in je hoofd, maar in je hart.

Ervaring wordt workshop
Nu ik dit weet kan ik niet wachten om terug te keren naar de werkvloer en vanuit dit perspectief met medewerkers aan de slag te gaan. Samen met Ademcoach/ Rebalancer Inge Kraan ontwikkel ik op dit moment een workshop waarin we gaan werken aan en vanuit vertrouwen. En het mag duidelijk zijn dat het hart een prominente rol gaat krijgen…

Wordt vervolgd!

Heb je ego lief

candle-968244_1920Ons ego krijgt het flink te verduren, die arm ziel. Ontmoeten we een mens dat zich onhebbelijk gedraagt dan spreken we al snel over iemand met een “groot ego”. Ontdekken we een naar trekje bij onszelf noemen we dat een “ego dingetje”. In het algemeen geldt: hoe vervelender het gedrag van een persoon, hoe groter het ego is dat we hem of haar toedichten. En dat terwijl het juist zo hard voor ons aan het werk is!

Het wordt de hoogste tijd om ons ego eens flink in het zonnetje te zetten.

Maak kennis met je ego
Laten we om te beginnen eerst eens fatsoenlijk kennis maken. Wie of wat is ons ego eigenlijk? Van het woord ego bestaan verschillende definities. Wanneer ik spreek over ‘het ego’ bedoel ik dat stuk in onszelf dat het grootste gedeelte van de tijd aan het woord is. Het gekwebbel, de innerlijke stemmen. Je zou het ook je ‘afweermechanisme’ of ‘beschermingsmechanisme’ kunnen noemen. Sommige mensen noemen het je ‘persoonlijkheid’. Het zit in ons hoofd en bemoeit zich werkelijk overal mee. Soms is het ontzettend trots als iets goed is gegaan, soms schaamt het zich te pletter als we een fout hebben gemaakt. In elk geval vindt het altijd overal iets van.

Het ontstaan en de functie van je ego
Naast het ego heeft ieder mens ook een plek in zichzelf dat volledig puur en zuiver is. Ik noem die plek ‘je bron’, maar het wordt ook wel ‘ziel’, ‘liefde’, ‘hogere zelf’, ‘god’ of ‘bewustzijn’ genoemd. Het ego heeft zichzelf tot taak gesteld om die mooie zuivere plek te beschermen. Het is ontzettend bang dat het beschadigd raakt en het heeft daar een goede een reden voor.

In het allerprilste begin van ons leven zijn wij één en al zuiverheid en puurheid. In de loop van onze ontwikkeling maken we dingen mee waardoor we gekwetst, teleurgesteld of pijn gedaan worden. Het ontwikkelen van trauma’s is universeel. Iedereen heeft ze. Het kan zijn dat jouw ouders je een keer niet hoorden en je te lang hebt gehuild. Misschien heb je wel hele grote nare dingen meegemaakt. In feite maakt het niet uit wat het was, het gaat er om hoe jij het hebt beleefd. Het deed pijn en het veroorzaakte een scheurtje in jouw mooiste, diepste kern.

Het ervaren van pijn is voor niemand fijn en om te voorkomen dat jouw bron verder beschadigd raakte werd er een ego gevormd: een poortwachter die pijn en teleurstellingen diep weg stopte in je on- of onderbewuste. Dit proces is natuurlijk prachtig; het heeft er toe geleid dat jij nu, op dit moment dit verhaal kunt lezen. Het heeft je gemaakt tot wie je nu bent, met alles er op en eraan.

De keerzijde van de goede zorgen
De bescherming die jouw ego je biedt heeft echter ook een keerzijde. Pijn kan verstopt worden, maar lost pas op als het er even helemaal mag zijn en doorvoelt wordt. Jouw ego deed mooi en belangrijk werk toen er zich pijn aandiende die jij op dat moment niet aan kon. In de loop van de tijd heb jij je echter verder ontwikkeld. Je bent sterker geworden en minder kwetsbaar. Je zou de pijn ondertussen allang kunnen verdragen, maar je ervaart dat niet omdat je er niet mee geconfronteerd wordt. Met het blijven verstoppen houd je je eigen angst in stand. Daarnaast kost het verstopt houden natuurlijk ook een hoop energie. Bij veel mensen leidt dit op den duur tot klachten als hoofd- of buikpijn, stress, oververmoeidheid, angst of een geïrriteerde stemming.

Boos worden werkt averechts
In mijn praktijk begeleid ik mensen die last hebben van pijn die weggestopt is. Heel voorzichtig proberen wij samen het ego te verleiden de teugels beetje bij beetje te laten vieren. Soms gaat dat ineens heel snel en soms is dat lastiger. Wanneer we in zo’n proces aan het werk zijn hebben mensen nogal eens de neiging om boos te worden als het niet lukt om ‘uit hun hoofd’ te komen. Veel mensen schelden op hun ego. “Hou toch eens op met denken” of “bemoei je er niet mee…” en dan houd ik het hier nog netjes. In veel hoofden gaat het er vaak heel wat grover aan toe. Natuurlijk werkt dat niet. Wat zou jij doen als je wordt uitgescholden terwijl je gevraagd wordt om iets te doen wat je helemaal niet wil? Precies! Jouw ego is bang en zal dus gerustgesteld moeten worden

Geef je ego wat jij zelf graag ontvangt
Wat werkt voor jou, werkt ook voor je ego. Na gedane arbeid is het prettig om bedankt te worden en als je gevraagd wordt om een stapje opzij te doen is het fijn om te horen dat je aanwezigheid gewaardeerd werd. Vertel je ego dat je niet meer bang bent voor de pijn, dat je het aan kunt en aan wil gaan. En geef het vooral de ruimte om rustig te wennen aan de nieuwe situatie. Je zult zien dat je ego dan graag bereid is even pauze te nemen en er op de momenten dat het wel weer nodig is met liefde weer voor je zal zijn.

De weg van een angstige wereld naar een wereld zonder gevaar

Soms ben ik het ineens weer helemaal kwijt. Het contact met de voedende energie, het basis vertrouwen in ons allemaal, de durf in mijzelf. Ik weet wel dat het nog ergens zit, maar de weg er naar toe is volledig geblokkeerd. Terug redenerend waar ik het deze keer kwijt begon te raken kom ik uit bij een moment waarin ik in volledig vertrouwen vroeg of ik iets mocht gebruiken van een ander. Ik was in de oprechte vooronderstelling dat niet alleen ik, maar ook zij en ook de mensen met wie ik het wilde delen daar beter van zouden worden. Ik bevond me in een wereld van overvloed waarin ik vrij mag geven en ontvangen en ging er vanuit dat de ander dat ook deed.

Van het ene op het andere moment sloeg de sfeer tussen ons om. Het was duidelijk niet de bedoeling dat ik ging delen wat ik van haar had ontvangen en ik voelde mijn energie direct wegvloeien.

Terug in een wereld vol gevaar
Natuurlijk was de reactie die ik op mijn vraag kreeg niet prettig, maar erger nog was wat ik tegelijkertijd mijn innerlijke stem hoorde zeggen: “Wat ben ik toch gemeen. Ik pik iets van iemand anders af om daar zelf beter van worden.” In de dagen die volgden leefde ik plotseling weer in een wereld waarvan ik dacht dat ik er al lang afscheid van had genomen. Een wereld vol gevaren waarin ik voortdurend op mijn hoede moet zijn.

Bewijs voor gevaar in overvloed
Het meest bizarre was misschien nog wel dat ik overal om me heen bewijs zag dat ik inderdaad niet veilig was. Wachtend op een mogelijkheid om in te voegen in het verkeer zag ik alleen maar weggebruikers die uit waren op het bevechten van hun eigen plek. Ik hoorde: “Niemand ziet mij, ik doe er niet toe.” Tijdens een sessie bij een therapeute werd ineens heel duidelijk zichtbaar dat datgene waar ik nu mee worstel voortkomt uit iets wat ik in mij draag. Ik hoorde: “Het is mijn schuld.” Iemand zei tegen mij dat hij zich zo fijn voelt bij een ander en ik hoorde: “Ik ben niet goed genoeg.” Ik was weer terug in de wereld waarvan ik had gehoopt dat ik hem nooit meer terug zou zien.

Help!

Hoe kom ik hier weer uit?

Hoe kom ik weer terug naar die andere, fijne wereld?

De terugweg naar een fijne wereld
Plotseling herinner ik me hoe ik deze reis ooit eerder maakte en tekent de weg van een wereld vol angst naar een wereld vol overvloed zich weer haarscherp af. De sleutel zit in mijzelf. Zodra ik een wereld leef met gevaren zijn er ook gevaren. Wanneer ik in een wereld leef zonder gevaren, zijn er ook geen gevaren! Dit klinkt simpel en dat is het ook. Ik weet het nog van de vorige keer. Het enige dat ik nodig heb is de moed om te geloven dat er geen gevaar is. Èn de moed om het risico te nemen dat ik denk: “deze persoon laat mij niet invoegen; hij heeft me vast niet gezien” en dat het dan zo is dat hij me wel heeft gezien, maar inderdaad vindt dat ik er niet mag zijn.

Gelukkig. Ik heb de weg weer teruggevonden…

Ben jij moedig genoeg om te zien dat je veilig bent?

Ergens hebben wij mensen het idee opgedaan dat wanneer je iets niet wilt voelen het je helpt om dat gevoel te gaan verstoppen. Neem bijvoorbeeld kwetsbaarheid. Bijna niemand voelt zich op zijn gemak als hij kwetsbaar is en de meeste mensen willen dat gevoel dan ook zo snel mogelijk weg hebben. En dat kan. Je trekt gewoon je harnas aan en voelt je plotseling veilig en beschermd tegen de harde buitenwereld.

Stel je nu eens voor dat jij nietsvermoedend rondloopt en plotseling iemand in een harnas op je af ziet komen. De kans dat je je bedreigt voelt en jezelf gaat beschermen is groot. Waarschijnlijk trek jij ook een harnas aan of verstopt je achter een schild. Plotseling staan er 2 vijanden tegenover elkaar die beiden concluderen: Zie je wel, de wereld zit vol gevaren. Het klopt dat ik bang ben.

Stel je nu eens het tegenovergestelde voor. Je ziet de persoon in harnas op je af komen, je voelt angst, maar kiest ervoor die angst heel even opzij te zetten. In plaats daarvan geef je je nieuwsgierigheid de ruimte. Ondersteund door een klein beetje moed dat je nog ergens vond durf je zelfs het ijzeren masker van je tegenstander op te tillen om te kijken wat daar onder zit.

De afgelopen weken ontmoet ik steeds meer mensen die nieuwsgierig durven zijn en het is ontroerend om te zien dat hun moed keer op keer weer wordt beloond. Want wanneer ze zo dapper zijn om onder het ijzeren masker van hun tegenstander te kijken, treffen zij daar iemand die precies tegelijkertijd met hen ontdekt dat er helemaal niets is om bang voor te zijn en dat de wereld een veilige plek is.

Ik wens je veel moed toe.
Daphne

Ode aan de dappere voelers

Naar aanleiding van de schrikbarende toename van het aantal burn-out gevallen in Nederland lanceerde de overheid in 2014 de campagne ‘Check je werkstress’. Uitgangspunt daarbij was dat het bespreken van werkdruk en stress een taboe is op de werkvloer. “Ik wil dat het normaal wordt dat werkgevers en werknemers stress met elkaar bespreken en aanpakken” zei Minister Asscher bij de lancering van het plan. Het is natuurlijk fantastisch en ook heel erg nodig dat werkstress bespreekbaar gemaakt wordt. De vraag is echter of er niet een stap wordt overgeslagen. Durven mensen eigenlijk wel te voelen dat zij last hebben van stress?

Taboe op voelen
In de tijd dat ik zelf werkzaam was als manager bespraken wij als leidinggevenden onderling regelmatig de hoge werkdruk. We puften en steunden heel wat af samen. Maar in plaats van dat dat een verminderd stressgevoel tot gevolg had of er initiatieven genomen werden om de werkdruk te verminderen, joeg dat de druk eigenlijk alleen maar op. “Kennelijk is het heel normaal om dit te voelen; iedereen heeft er last van” dacht ik. En ook: “Het zal wel aan mij liggen dan, dat ik dit haast niet volhoud; iedereen om me heen kan het blijkbaar wel aan” en huppakee, daar werd weer een grens verlegd. Ik ervoer niet zozeer een taboe op het bespreken van de hoge werkdruk, als wel op het serieus nemen van mijn eigen gevoel. Natuurlijk hield ik dit niet tot in de oneindigheid vol en met mij verlieten nog vele anderen de werkvloer uiteindelijk met een burn-out.

Wie durft?
Jammer toch dat het ervaren van stress ondertussen zo’n vanzelfsprekendheid is geworden dat niemand er meer raar van op kijkt als je aangeeft dat het je teveel wordt. Eén van de veel gehoorde adviezen die je krijgt als je vertelt dat je last hebt van stress is: luister goed naar je gevoel. Een goedbedoeld, maar volkomen misplaatst advies aan mensen die stress ervaren. Stress ontstaat per definitie doordat je langere tijd je eigen grenzen niet hebt weten te bewaken en je dus niet in staat bent gebleken goed naar je gevoel te luisteren.
Om te voorkomen dat stress zich ontwikkeld tot overspannenheid of een burn-out is het noodzakelijk om in een vroegtijdig stadium de signalen te onderkennen. En dat is nu precies wat er zo moeilijk is! Want wie durft er in een omgeving waarin iederéén het heel erg druk heeft en iederéén vaak last van hoofdpijn trouw aan zichzelf te blijven? Wie durft te zeggen: “Zo wil ik niet leven, hier kies ik niet voor.” Gezien de grote toename van het aantal burn-out gevallen zijn dat steeds minder mensen.

Ode aan de dappere voelers
Een enkele keer ontmoette ik in mijn loopbaan een dappere collega die de te hoge werkdruk tot vervelens toe bespreekbaar durfde te maken in het openbaar en zich niet meteen de mond liet snoeren met een grapje of denigrerende opmerking. Helaas werden deze mensen –ook door mij- al snel gezien als “zeurder”. We ‘wisten’ dat het geen zin had om hier veel tijd aan te besteden en eigenlijk wilden we gewoon zo snel mogelijk terug naar die gigantische berg werk die er op ons lag te wachten…
Achteraf heb ik me bedacht hoe dapper deze collega’s waren en omdat ik daar toen niet toe in staat was, doe ik het nu: “Dank jullie wel voor het uitsteken van je nek en wat geweldig dat jullie trouw durfden te blijven aan je gevoel!”

Met mij is het uiteindelijk goed gekomen en ik er trots op om te kunnen zeggen dat ik mezelf tegenwoordig als één van hen mag beschouwen. Ook ik ben een dappere voeler geworden.

Wil jij ook een dappere voeler worden?
Download dan mijn stappenplan naar een leven als dappere voeler.